Kintsugi om gebroken servies te herstellen

Scherven brengen geluk. Of ongeluk. Of kapotte borden. Maar wat nou als je eigenlijk niet zit te wachten op kapotte borden, ongeluk of geluk? Dan kun je beter je scherven weer aan elkaar plakken. Daar denken Japanners in ieder geval wel zo over. Als je dan toch scherven aan elkaar gaat plakken kun je er maar beter voor zorgen dat het resultaat er goed uit ziet. Kintsugi!

Kintsugi is de Japanse traditie om scherven met goud aan elkaar te plakken. Zo wordt een breuk een stukje schoonheid. Vanuit praktisch oogpunt is het een elegante reparatie-techniek. Vanuit filosofisch oogpunt wordt een breuk onderdeel van de geschiedenis van een object in plaats van een verstopt litteken.

Het leuke is, je hoeft niet geschoold te zijn in een of andere eeuwenoude Japanse ambacht om zelf met kintsugi aan de slag te gaan. Voor nog geen 30 euro schaf je een reparatie kit aan waar alles in zit wat je nodig hebt om jouw gebroken servies nieuw leven in te blazen. Je zou bijna voor de lol je borden op de grond laten vallen. Het resultaat is in ieder geval stress verminderend.

New Kintsugi Repair Kit

Wij gingen aan de slag met de New Kintsugi Repair Kit van Humade.


Kintsugi

Men neme een gebroken stuk serviesgoed. Toevallig viel bij ons laatst de deksel van ons Japans theepotje aan diggelen. Gelukkig viel het aantal diggelen mee, want kintsugi werkt het beste met grote scherven.

Kintsugi

In de reparatie kit zit een tube tweecomponentenlijm en goudpoeder. Op een dekseltje van het een of het ander meng je een beetje lijm met een beetje goudpoeder tot je een gouden pasta hebt.

Kintsugi

Ook het mengstokje zit in de kintsugi reparatie kit. Zorg dat je niet direct teveel goudpoeder bij de lijm doet want dan plakt de lijm minder goed.

Kintsugi

De kwast zit ook in de doos. Hiermee smeer je de goud-lijm uit op een van de twee zijden die aan elkaar geplakt gaan worden. Voor het mooiste resultaat is het belangrijk de lijm zo evenredig mogelijk aan te brengen.

Kintsugi

Nadat je de lijm een paar minuten hebt laten drogen druk je de ene scherf op de andere en hier zie je dan ook meteen wat de bedoeling is. De goud-lijm vloeit uit de breuk door de druk waardoor er een mooie gouden kintsugi lijn op je servies ontstaat. Een paar minuten stevig aandrukken.

Kintsugi

Zodra alle scherven aan elkaar gelijmd zijn zie je het resultaat. En zoals je hieronder ziet worden de gouden lijnen dikker of dunner afhankelijk van de hoeveelheid lijm die je op een zijde van een breuk smeert.

Kintsugi

Denk van te voren wel even na over een plek om je met kintsugi gerepareerde aardewerk te laten drogen, want aan zowel de onderkant als de bovenkant zit een randje lijm. Het duurt ongeveer 24 uur voor de lijm droog is. Laat je werkstuk niet met een lijm rand op een krant of op tafel liggen, want dan wordt ook de krant of de tafel onderdeel van de geschiedenis van je object.

Kintsugi

Wat doen Japanners tijdens Golden Week?

Van 29 april tot en met 5 mei is het Golden Week in Japan. Dat is een aaneenschakeling van nationale feestdagen – en dus vrije dagen. Op 29 april begint het met Showa Dag. Daarna komen op 3, 4 en 5 mei achter elkaar de Dag van de Grondwet, Dag van het Natuurgroen en Kinderdag. Voor veel hardwerkende Japanners dit is de langste vakantieperiode van het jaar. Dus wat doen Japanners tijdens Golden Week?

Reizen tijdens Golden Week

Een vakantieperiode is natuurlijk bij uitstek geschikt om te reizen. Buiten Japan staan de Japanners bekend als groepsreizigers. Vaak racen ze in een week door Europa met de bus en ‘doen’ een land per dag. Het zijn echter niet de verre bestemming zoals Europa die ineens populair zijn tijdens Golden Week. De top 3 buitenlandse reisbestemmingen zijn Hawaï, Guam en de Gold Coast van Australië.

Veel Japanners gaan echter op vakantie in eigen land. Van de grote stedelijke gebieden zoals Tokyo en Osaka trekken veel mensen naar buiten. De normaal “rustige” toeristensteden zoals Kurashiki, Kanazawa, Takayama, Yamaguchi, etc. zijn tijdens Golden Week afgeladen. Lang van te voren zijn alle hotels al volgeboekt en er staan lange files op de toegangswegen.

Japanners die pech hebben en geen hotel kamer keer kunnen krijgen kiezen er vaak voor om dagtochten te maken naar dichterbij gelegen uitjes. Tenzij je heel vroeg bent betekent het aansluiten in een urenlange file voor de parkeerplaats.

Shikoku Golden Week 2008

Tijdens Golden Week zijn er best nog een hoop plekken te vinden in Japan waar je niet over de hoofden hoeft te lopen. Dit is Shikoku. Afbeelding via Dan Crowther onder CC BY licentie.

De drukte ontwijken

Het mag duidelijk zijn, het is tijdens Golden Week druk. Vooral grote toeristische attracties zijn afgeladen. Maar als je even buiten de populaire steden gaat kijken is er een hoop dat voor Japanners misschien niet zo interessant is maar voor buitenlandse bezoekers des te meer.

Voor Nederlanders is Golden Week een goede periode om Japan te bezoeken. Het valt mooi samen met onze meivakantie. Het weer is ook perfect tijdens Golden Week. Het is prettig warm, zonnig en droog. Als je wacht tot de zomervakantie is het vochtig en veel te warm om hele dagen door steden zoals Kyoto te slenteren.

Het nadeel van Golden Week is de drukte. Vooral de Shinkansen treinen zijn afgeladen en voor parkeerterreinen staan lange files. Golden Week is dus niet de tijd om met de auto of de Shinkansen door Japan te trekken, maar als je het bij gewone treinen houdt kom je vrijwel overal zonder problemen.

Mythe: Japan is een duur land

Je hoort vaak dat Japan een duur land is. Eerder kon je hier al lezen dat het met de huur van een flatje eigenlijk reuze meevalt.

En ja, Tokyo heeft natuurlijk jaren bijna bovenaan gestaan in het lijstje met duurste steden ter wereld. Maar in de 2014 versie van dat lijstje kwam de hoofdstad van Japan niet hoger dan plaats 9. In 2018 is de stad zelfs helemaal uit de top 10 verdwenen.

Duur om te wonen

Hoe je het ook went of keert, wonen in Tokyo is duur. Tenminste, als je verwacht behoorlijk wat ruimte te hebben. De prijs per vierkante meter van woonruimte ligt nergens in Japan hoger. Je betaalt dus meer voor een appartement van 50 vierkante meter in Tokyo dan bijvoorbeeld in Osaka.

In de praktijk betekent dat echter niet dat je duurder uit bent voor een appartement, maar dat het appartement waar je woont kleiner is.

Hetzelfde geldt voor hotelkamers. Neem je genoegen met (iets) minder ruimte dan kun je in Tokyo ook prima goedkope hotels vinden.

Is reizen in Japan duur?

Alles is relatief, dus of iets duur is hangt ervan af waar je het mee vergelijkt. Nee, Japan is niet zo goedkoop als landen als Cambodja, Vietnam, Thailand en in mindere mate Zuid-Korea. Je moet niet verwachten met een reisbudget van € 100 een week te kunnen leven als een koning.

De levensstandaard in Japan is vrijwel gelijk aan die in Nederland en zo zijn de inkomens en kosten. Waar een Nederlander € 1 verdient, krijgt een Japanner ¥ 100. Voor wat een Nederlander € 1 kost, betaalt een Japanner ¥ 100. (Neem dat niet te letterlijk, denk voornamelijk aan eerste levensbehoeften.)

Het voordeel voor jou als reiziger zit in de wisselkoers. Je krijgt namelijk voor € 1 ongeveer ¥ 130. Met andere woorden, waar je in Nederland € 1 voor betaalt, kost je in Japan maar € 0,75.

Dat geldt voor accommodatie, eten, vervoer, attracties, etc.

Dat wil echter niet zeggen dat je niet op je centen kunt en hoeft te letten. De collega’s van Tofugu hebben een paar goede tips op een rijtje gezet die je kunnen helpen zoveel mogelijk waar te krijgen voor je yen. Voor alles van accommodatie tot eten en van transport tot karaoke, Tofugu vertelt je hoe je het zo goedkoop mogelijk voor elkaar krijgt.

Cultuurschok in Japan, puur genieten

Wat herinner jij je het meest van jouw reizen? Zijn het de hotels of is het het eten? De vlucht of de excursies? Wat het ook is dat je bij blijft, je eerste indruk is vaak een blijvende herinnering. De eerste indruk gaat vaak samen met een cultuurschok. Dit is een ode aan mijn cultuurschok toen ik voor het eerst in Japan aankwam.

Ik herinner me nog als de dag van gisteren dat ik in 2002 voor het eerst uit het vliegtuig stapte op Kansai International Airport in Osaka. Ik had een week vakantie ingeruimd om een vriend, die ik tijdens een jaar backpacken in Australië had leren kennen te bezoeken. Dingen die indruk op mij maken kan ik vaak jaren later tot in de details voor de geest halen. Zo ook deze eerste reis naar Japan.

Ik was niet naar Japan gekomen omdat ik er zo graag heen wilde, maar zoals ik zei om een vriend te bezoeken. Ik had me dan ook nauwelijks voorbereid. Geen Lonely Planet en eigenlijk niets gelezen over dingen die er te zien waren. Ik wist nul komma nul van de Japanse cultuur. Nou ja, nul komma één misschien, mijn kennis was tenslotte Japans.

Cultuurschok
Tijdens mijn eerste reis verbaasde ik me over de heerlijkheid van het op sokken rondlopen over de houten vloer van een tempel.

Mijn cultuurschok

Dat zo maar op de bonnefooi naar Japan vliegen heeft me een cultuurschok van, nou ja, hier tot Tokyo opgeleverd. Maar gelukkig had ik op dat moment de tegenwoordigheid van geest om intens te genieten van die schok. Zo intens dus dat ik nu, jaren later – waarvan ik er pak weg 6 van in Japan heb doorgebracht – me dingen nog herinner alsof het gisteren was.

Ik herinner me bijvoorbeeld dat we met de trein van Sannomiya (Kobe) naar Kakogawa reden. Het landschap, de huizen, alles was zo volstrekt anders dan ik gewend was uit Nederland. En ik herinner me nog precies hoe ik me toen voelde. Ik ben geen Haruki Murakami en absoluut niet in staat om gevoelens op zo’n duidelijke manier te verwoorden zoals hij dat kan. Maar die treinreis van pak weg 45 minuten is me tot op heden bijgebleven.

Ook herinner ik me – en nu ik het zo op schrijf realiseer ik me dat ook deze herinnering met treinen te maken heeft – met stomheid geslagen te zijn toen ik hoorde dat er meerdere treinvervoerders zijn die allemaal hun eigen spoor beheren en uitbaten. En dat die sporen op sommige plaatsen gewoon naast elkaar liggen. Concurrentie op het spoor, met als directe gevolg bijna 100% punctualiteit en fantastische service. Fantastische service in restaurants ook trouwens. Absolute schok.

Ik herinner me de geuren van Kyoto. Mijn buik was behoorlijk van slag door al dat onbekende eten. Ik herinner me hoe het voelde om voor het eerst op sokken over de houte vloeren van een tempel te lopen. En dat alles in het prachtige delirium van mijn cultuurschok.

Geniet van je cultuurschok

Als ik nu in de trein zit van Sannomiya naar Kakogawa voel ik niets, ken ik de stations uit mijn hoofd en kijk ik alleen af en toe op de klok om uit te rekenen hoe lang het nog duurt. Die rauwe emotie van de cultuurschok is al lang niet meer, althans, niet in Japan. En dat zal ook nooit meer terug komen. Ik ken Japan nu.

Maar als jij binnenkort voor het eerst naar Japan reist wil ik je aanraden om zoveel mogelijk te genieten van de schok die je gegarandeerd gaat meemaken. Die eerste indrukken zullen je altijd bij blijven.

Wat eten Japanners voor hun lunch?

Bij mij thuis zijn we 50% Japans, dus het is niet raar dat we ook regelmatig Japans eten. Net als in Nederland eten Japanners ‘s avonds uitgebreid en zijn het ontbijt en de lunch kleinschaliger.

Wil je weten wat Japanners koken? Kijk dan eens op onze pagina met authentieke Japanse recepten of koop een goed Japans kookboek.

Wil je weten wat het Japanse equivalent is van een boterham met pindakaas? Lees dan verder!

Rijst met…

Laat ik de vergelijking met de boterham met pindakaas eens uitwerken. De boterham vervangen we tijdens de Japanse lunch door rijst.

Zoals je vast weet is rijst de belangrijkste bron van koolhydraten in de Japanse keuken. Waarom? Ik weet het niet. Weet jij het?

Het is een feit dat in Japan rijst verbouwd wordt zoals graan in Europa. Of dat iets te maken heeft met de geologie van de gebieden? Waarschijnlijk wel.

Waar wij in Nederland dus graan eten, verwerkt tot brood, eten Japanners rijst. Japanse rijst is korter van graan dan de rijst die we over het algemeen in Nederland eten en neemt veel meer vocht op. Daardoor plakt het een klein beetje aan elkaar.

…beleg

Dan komen we bij het beleg. Als het moet kunnen wij Nederlanders best droog brood eten, maar met bijvoorbeeld een laagje pindakaas smaakt een boterham een stuk beter. Wij hebben genoeg keuze qua beleg.

Met de rijst die Japanners voor de lunch eten is het niet anders. Er is een even grote (waarschijnlijke grotere) keuze aan beleg voor op de rijst. Op dit moment staan de volgende soorten rijst-beleg bij ons thuis in de koelkast:

Zoals je ziet, veel plantaardige ingrediënten. Ook zit er wat vlees bij. Een gezonde en gebalanceerde maaltijd dus. En al deze lekkernij gaat boven op de rijst. いただきます (itadakimasu) oftewel eetsmakelijk!

Japanse lunch
Rijst met beleg.

6 goede Japanse kookboeken

Wat is er nou leuker dan zelf experimenteren in de keuken? De Japanse keuken is werelderfgoed en gaat veel verder dan onze selectie authentieke Japanse recepten. Kook je graag Japans, dan zijn deze 6 kookboeken absolute must-haves.

De Japanse keuken

Als eerste in deze lijst met kookboeken de winnaar van de World Cookbook Award voor beste Japanse kookboek. De Japanse keuken is samengesteld door Nancy Singleton Hachisu. Ze is Amerikaanse en woont al jaren op een boerderij op het platteland van Japan.

Nancy beschrijft in De Japanse keuken uitgebreid haar leven in Japan en haar diepgaande kennis van hoe de Japanners traditioneel gerechten bereiden. Met producten die ook in Nederland op de markt en in de supermarkt verkrijgbaar zijn leer je eenvoudig de lekkerste maaltijden samen te stellen.

Voor de Japan-liefhebber is dit boek behalve voor de recepten ook leuk vanwege de verhalen van Nancy over haar leven in Japan.

Mijn Japanse keuken

In Mijn Japanse keuken laat auteur Stevan Paul in 80 verrassend eenvoudig te bereiden recepten zien hoe veelzijdig de Japanse eetcultuur is. Behalve de recepten krijg je ook praktische winkeltips en alternatieven aangerijkt voor ingrediënten die alleen in Japan verkrijgbaar zijn.

Historisch wordt er in Japan nauwelijks vlees gegeten. De recepten in Mijn Japanse keuken Maken dan vrijwel alleen gebruik van vis en groente. En dat je veel meer met vis kan doen dan alleen sushi maken zal je niet verbazen.

Hoewel bepaalde basisingrediënten tegenwoordig voorbereid in zakjes in de Japanse supermarkt verkocht worden, leer je met Mijn Japanse keuken juist om bijvoorbeeld zelf dashi te maken.

Recepten uit Tokyo

Maori Murota is geboren en getogen in Tokyo. Met Recepten uit Tokyo neemt ze je mee op een culinaire reis door de Japanse hoofdstad.

Dit kookboek neemt je mee langs eettentjes door heel Tokyo met sfeerfoto’s waardoor je het eten bijna ruikt. Vervolgens mag je zelf aan de slag in je eigen keuken.

Met Recepten uit Tokyo leer je onigiri maken, de perfect sashimi snijden, je eigen bento lunchbox te maken en nog veel meer. Dit kookboek is een absolute must-have voor iedereen voor wij eten behalve om de smaak ook om de sfeer gaat.

Minibijbel Japanse keuken

Zoals de titel al aangeeft gaat deze Minibijbel Japanse keuken verder dan alleen recepten. Voorafgaande aan het echte kookwerk vertellen de auteurs hoe de Japanse keuken zich door de eeuwen heen ontwikkeld heeft.

Hoe is sushi ontstaan? Wat is de achtergrond van die mysterieuze Japanse theeceremonie? Hoe zit het precies met Japans serviesgoed en bestek?

De recepten worden begeleid door werkfoto’s en een verklarende woordenlijst. De Minibijbel Japanse keuken is gerangschikt op hoofdingrediënt: rijst, groente, tofu, etc. Van alle kookboeken in deze lijst veronderstelt dit boek de meeste voorkennis.

Basic Japans

Dit is de duurste in deze lijst met kookboeken. Chef Ivan Verhellen geeft je een kijkje in de keuken van het succesvolle Japanse restaurant Tanuki in Brugge. De uitgebreide beschrijvingen en uitmuntende foto’s maken het voor iedereen eenvoudig om zelf thuis Basic Japans te koken.

Soepen, noedels, sushi, tempura, teppanyaki en nog veel meer. Een groot gedeelte van de Japanse keuken belandt met Basic Japans op jouw eigen aanrecht. Dit kookboek is een aanwinst voor iedereen die van Oosters koken houdt.

Ivan Ramen

Ivan deed waar de meesten zelfs niet van durven dromen. Hij verhuisde van Long Island naar Tokyo om een ramen noedel restaurant te beginnen. Nergens in Japan is de culinaire concurentie zo moordend als in de hoofdstad, maar toch lukte het Ivan om voet aan de grond te krijgen. Eerst kwamen de klanten vanwege de curiositeit, een buitenlander die ramen serveert. Na de ramen geproefd te hebben kwamen de meesten terug voor de kwaliteit.

Ivan Ramen is behalve kookboek ook een memoire. De auteur deelt ruim 40 recepten, inclusief die van de noedels die hem bekend maakten. Ramen is zo’n belangrijk onderdeel dat Ivan Ramen absoluut thuis hoort in dit lijstje met Japanse kookboeken.

Tokyo Ramen Iki in Amsterdam

Voor mij zit de ultieme ervaring van (gedeeltelijk) in het eten. Maar dat wil niet zeggen dat je persé naar Japan hoeft om Japan te ervaren. Dat kan ook prima in Nederland. Je kunt bijvoorbeeld zelf thuis Japans koken met een van onze authentieke Japanse recepten. Maar je kunt ook buiten de deur eten. In Amsterdam kun je bijvoorbeeld prima ramen noedels eten. Laatst probeerde ik al eens de tonkotsu ramen van Taka Japanese Kitchen en Ramen-ya. Afgelopen weekend was de chicken ramen van Tokyo Ramen Ikiaan de beurt.

Het menu van Tokyo Ramen Iki

Zoals een goed ramen restaurant betaamt beperkt ook Tokyo Ramen Iki zich tot één soort soep basis: kip. Iedere regio in Japan doet ramen net weer even anders. Zo staat Hakata op het eiland Kyushu bekend om tonkotsu ramen, noedels met een soep getrokken van varkensbotten. Op Hokkaido vind je overal miso ramen. En in Tokyo is de lokale variant dus chicken ramen.

Je kunt kiezen uit soep op basis van kip gemengd met sojasaus, zout of miso. Van ieder van deze drie keuzes staat een dunne bouillon en een dikkere soep (nouko) op het menu. Vind je het prettig om tijdens het eten te gaan zweten dan is er ook nog een pittige variant. Bij iedere variant kun je kiezen uit een standaard arsenaal aan toppings zoals zeewier, gekookt ei en meer.

Verder kun je nog kiezen uit een een paar voor- en bijgerechten, maar de grote afwezige daarbij was wat mij betreft gyoza. Ik ben volgens mij nog nooit in een ramen restaurant geweest waar geen gyoza op het menu staat. Gyoza is feitelijk eerste keuze als het gaat om bijgerechten.

Dat er geen gyoza op het menu staat heeft waarschijnlijk te maken met de insteek van Tokyo Ramen Iki. Ze streven ernaar om alleen maar eten te serveren zonder conserveringsmiddelen. En als er één ding zit in de gyoza-vellen die je in Nederland koopt…

Hoe smaakt het eten?

Laat het duidelijk zijn: de ramen bij Tokyo Ramen Iki zijn heerlijk! De noedels zijn goed op smaak, de soep is vol maar niet te rijk en voor de kipgehaktballetjes in de soep zou ik een moord doen. Kana was ook erg onder de indruk en de smaak deed haar denken aan haar jeugd. Als eten je doet denken aan je jeugd moet het wel lekker, en in dit geval ook authentiek zijn.

Waar de tonkotsu ramen van Taka Japanese Kitchen en Ramen-ya eigenlijk iets te rijk zijn, is de balans hier precies goed. De soep vult, maar ligt niet zwaar op de maag. In Japan is het voor ramen chefs een teken dat hun soep lekker is als de hele kom leeg gedronken wordt door de klanten. Hier, bij Tokyo Ramen Iki hadden we allemaal onze kom leeg.

Buitenlanders in Japan, de 5 types die er wonen

Japan heeft een zekere aantrekkingskracht. In elke hoek van deze planeet droomt er wel iemand van om ooit naar Japan te gaan. Sommige buitenlanders in Japan komen om te werken. Anderen voor de games, anime en ninja’s. Met dank aan de bijna niet bestaande criminaliteit, uitstekend eten en hoge levensstandaard is Japan een mooie plek om een tijdje “thuis” te noemen.

In plaats van het geven van reisadvies voor je volgende Japan reis kijk ik vandaag eens naar hoe de buitenlanders in Japan zich gedragen. Ben je een paar weken in Japan dan zal je deze vijf types (benaming van de types via SoraNews24) niet (allemaal) tegenkomen. Maar kom je om te werken dan zal je jezelf ergens in dit spectrum gaan herkennen.

Buitenlanders in Japan, de types

Kind in de Snoepwinkel

Als je jaren gedroomd hebt van Japan en alle rare dingen die er te krijgen stuiter je waarschijnlijk high van verrukking het vliegtuig uit. Eindelijk! Je bent er! Veel newbies laten zich helemaal meeslepen in deze high en rennen weken, soms zelfs maanden rond als een Kind in een Snoepwinkel.

Buitenlanders in Japan in deze fase staan te dansen bij frisdrankautomaten, posten 100 foto’s van zichzelf met onigiri op Instagram en klimmen net als Japanse tiener met een paar man sterk in een purikura hokje.

Dit type gaat iedere avond naar karaoke en een van de all-you-can-drink bars om te proosten op hoeveel ze van Japan houden. Kanpaaaaai!

Plastic Sensei

In een hoekje van dezelfde bar slaat de Plastic Sensei het groepje buitenlanders gade. Hij zit voor zich uit te mompelen over een klein kopje sake. Een diepe schaamte voor zijn collega buitenlanders maakt zich van hem meester. “Weten ze niet hoe ze zich in Japan horen te gedragen?”, vraagt hij zichzelf af. “Sommige buitenlanders snappen er geen bal van…”

De Plastic Sensei denkt dat hij alles weet van Japan. Hij heeft zich jaren voorbereid op zijn tocht naar Japan en in ieder geval ons lijstje met 15 goede boeken over Japan gelezen. En wellicht iets te veel manga… Hij snapt Japan, en hoe het is om Japans te zijn. Denkt hij.

Dat veel Japanners liever bier drinken dan sake, geen kimono hebben voor officiële gelegenheden en lang niet allemaal een zwarte band in een of andere vechtsport hebben ontgaat Plastic Sensei.

Dit type ‘vergeet’ regelmatig zijn moedertaal, zegt prima langere tijd op zijn knieën op de grond te kunnen zitten (de meeste Japanners houden dat niet langer dan 20 minuten vol) en maakt een V-gebaar op iedere foto. De Plastic Sensei denkt dat hij meer Japans is dan de meeste Japanners.

Japan Hater

Aan het andere einde van het spectrum woont een type dat vol zit met haat. Haat voor alles Japans. Je vraagt je af waarom hij niet gewoon terug gaat naar zijn eigen land. Hij stoort zich aan de luide begroetingen van het personeel bij iedere winkel die hij binnen loopt. De Japanse schoolmeiden die in groepjes in de trein vergaderen over wat, wie of waar er vandaag ‘kawai’ is vindt hij vreselijk. Hij stoort zich aan de indirectheid van de Japanse taal en cultuur.

Als je ervan droomt om ooit naar Japan te gaan kun je je niet voorstellen dat er mensen zijn die een hekel aan het land hebben. Het zal je dank ook verbazen hoeveel buitenlanders, met name in de grote steden, een groot deel van hun dag boos zijn op Japan. Sommigen zijn gewoon nooit over de cultuurschok heen gekomen en hebben heimwee.

En toch… Een groot deel van de Japan Haters hernieuwt braaf ieder jaar zijn contract en werkvisum zonder enige aanstalten te maken om te vertrekken.

De Japan Hater is er bovendien van overtuigd dat de haat wederzijds is. Hij haat Japan en alle Japanners haten buitenlanders. “Kijk maar naar hoe ze hun lepel vasthouden”, zegt hij dan.

Bubbelbewoner

Dit is wellicht het meest wonderlijke type. De Bubbelbewoner woont al jaren in Japan, werkt dagelijks met Japanners en bezoekt zijn thuisland een keer per jaar. En toch… als hij vijf Japanse woorden heeft onthouden is het veel. Erger nog, hij heeft geen enkele drang om überhaupt een poging te doen de taal te leren.

De Bubbelbewoner is uitermate content met zijn leven in Japan, maar leeft volledig in een bubbel van eigen creatie. Hij heeft voor zichzelf vrijwel alle aspecten van de taal en de cultuur uitgezet.

De Bubbelbewoner bezoekt minimaal één keer per maand een groothandel of import-winkel om spullen uit zijn eigen land te kopen. Hij gaat alleen om met andere buitenlanders of Japanners die zo goed Engels spreken dat ze voor een buitenlander kunnen doorgaan. Hij kijkt nooit naar Japanse tv, maar streamt tv programma’s uit zijn eigen land via internet. Als hij naar de kroeg gaat is dat zonder uitzondering een English of Irish Pub. Hij eet veel buiten de deur zodat hij niet de instructies hoeft te lezen op iets uit een Japanse supermarkt.

Je zou de Bubbelbewoner eenvoudig belachelijk kunnen maken, maar in zekere zin is het knap dat hij zich zo heeft weten af te sluiten voor zijn directe leefomgeving.

Gehieme Ninja

Ten slotte, een type dat je waarschijnlijk niet tegen zult komen tijdens een kort verblijf in Japan. Niet omdat ze niet bestaan, maar omdat de zo ongelofelijk onopvallend zijn. Alles wat de Plastic Sensei doet alsof hij is, is de Geheime Ninja echt: bijna Japans. Hij spreekt de taal vloeiend en heeft geen kookboek nodig om Japans te koken. Hij gaat met gemak om met Japanners (maar doet niet persé zijn best om buitenlanders te mijden) en hij weet, nee begrijpt hoe de raderen van de Japanse cultuur draaien.

Maar in tegenstelling tot de Plastic Sensei is de kennis en kunde van dit type verankerd in de realiteit. Net als geboren Japanners kan hij zich wel eens een moeilijk kanji-teken niet voor de geest halen. Hij kan niet iedere prefectuur op de kaart aanwijzen en je vertellen wanneer de Meijiperiode eindigde zonder het eerst te Googlen. Hij pretendeert niet meester in de Japanse gramatica te zijn en verbetert niet iedere nieuweling als die een woord verkeerd uitspreekt.

Net als een echte ninja doet hij vaak ongemerkt zijn ding. Maar als je hem in actie ziet dan weet je het zeker: dit is de echte pro onder buitenlanders in Japan.

Shinkansen treinen, de hogesnelheidstreinen van Japan

De Japanse spoorwegen zijn fascinerend. Met een paar overstappen ben je van de drukste stations ter wereld op de meest idyllische stations die je je voor kunt stellen. De Yamanote-lijn in Tokyo is een wonder van techniek en punctualiteit. Maar het ware hoogtepunt van alles zijn de Shinkansen treinen van het Japanse hogesnelheidsnetwerk.

Punctualiteit

Het Japanse spoor staat bekend om extreme punctualiteit. Ik gebruik dit wel eens om de Japanse mentaliteit uit te leggen. De dienstregeling loopt op de seconde nauwkeurig. Recent ging het bericht de wereld over dat een Japans spoorwegbedrijf zich verontschuldigd had omdat een trein 20 seconden te vroeg vertrokken was.

Van al het spoorvervoer rijden de Shinkansen treinen het nauwkeurigst. De gemiddelde vertraging in 2016 was slechts 54 seconden.

Shinkansen treinen design

Reizen met de Shinkansen is een waar avontuur. Om per trein van stad naar stad te reizen moest je vroeger een nachttrein nemen. Tegenwoordig reis je in minder dan 3 uur van Osaka naar Tokyo.

De reis is punctueel en comfortabel. Zitplaatsen zijn ruim, zelfs in de Ordinary Class (2e klas). Maar het meest opvallende aan de Shinkansen treinen is het ontwerp van de buitenkant. Met name de neuzen van de verschillende treinen springen in het oog.

Shinkansen treinen halen zonder moeite 300 kilometer per uur, maar dat lukt niet met een platte neus. Aërodynamica is uitermate belangrijk en voor iedere nieuwe serie treinen gaan de ontwerpers weer terug naar de tekentafel. Het resultaat? Zie hier de evolutie van de Shinkansen treinen door de jaren heen.

“0 Series Shinkansen” by foooomio is licensed under CC BY
Shinkansen 200-series
“Shinkansen 200series” by kubotake is licensed under CC BY
“Shinkansen 100 series” by kubotake is licensed under CC BY
“Shinkansen 300 series” by kubotake is licensed under CC BY
“Shinkansen 400series” by kubotake is licensed under CC BY
“Shinkansen 500 series” by kubotake is licensed under CC BY
“shinkansen 700 series” by kubotake is licensed under CC BY
“JR WEST N700-5000 Series set K3_1” by hans-johnson is licensed under CC BY-ND
“ANAのマイルが期限切れになりそうなので九州新幹線に乗っている 。” by ayustety is licensed under CC BY-SA
“E2 Series_J71” by hans-johnson is licensed under CC BY-ND

“DSCN5330” by contri is licensed under CC BY-SA

“JR EAST E4 Series_P14” by hans-johnson is licensed under CC BY-ND
“E5 Series_U10” by hans-johnson is licensed under CC BY-ND
“JR East E6” by [email protected] is licensed under CC BY
“JR WEST W7 Series_W10” by hans-johnson is licensed under CC BY-ND

Cup no Fuchiko, manga figuurtjes aan je theekopje

Recent kreeg ik een foto binnen met daarbij de vraag: wat is dit? Manga poppetjes die aan een bloempot hangen. Een van onze lezers had ze gekregen uit Japan was op zoek naar meer. Maar wat ga je dan Googlen? Het antwoord: Cup no Fuchiko!

CIMG1736
Afbeelding via chu pang onder CC BY-SA licentie.

Cup no Fuchiko, wat is het?

Het is geen hangertje en het is geen magneet. Het is zo’n rage zoals alleen in Japan iets een rage kan worden. Deze (vrijwel altijd vrouwelijke) figuurtjes heten Cup no Fuchiko en kun je aan alles hangen wat een randje heeft.

Ze kunnen hangen en zitten, vliegen en acrobatische toeren uithalen. Wat het karaktertje ook doet, het voegt een extra dimensie toe aan je interieur. En zoals met manga zijn er ook Cup no Fuchiko in allerlei variaties. Van kinderlijk onschuldig tot 18+ hardcore.

Geschiedenis

Cup no Fuchiko komt uit de koker van manga tekenaar Katsuki Tanaka. Het eerste figuurtje zag het levenslicht als capsule speeltje. Je weet wel, zo’n ding uit een automaat. Voor Tanaka met zijn ogen kon knipperen weren er 1,3 miljoen exemplaren verkocht. Blijkbaar zijn er een hoop Japanners die hun comfortzoeken in kleine figuurtjes van vrouwen.

Een van de originele Cup no Fuchiko was het zittende meisje met blauwe jurk. Inmiddels kun je het zo gek niet verzinnen of er is wel een figuurtje van. Er zit zelfs zo nu en dan een kerel tussen.

View this post on Instagram

#fuchiko

A post shared by Monte_Nathana (@monte_nathana) on

View this post on Instagram

#whereswally #fuchiko

A post shared by 구세영 (@9seyoung) on

Inmiddels is de rage meer dan alleen maar een interieur trend. Fans van Cup no Fuchiko nemen hun figuurtjes overal mee naartoe en laten ze poseren. Foto’s hiervan zijn goed vertegenwoordigd op social media.

Ook in Nederland kun je, in beperkte mate, Cup no Fuchiko kopen. De website Seikatsu.nl verkoopt allerhande artikelen uit Japan, waaronder ook deze figuurtjes. Ook AliExpress verstuurd deze mini-meiden naar ons kikkerlandje. Leuk als je nog op zoek bent naar een origineel cadeau.