De ondergang van J-Pop?

We kennen de Japanse popcultuur van games en muziek. Volgens Diederik van Japatrees.nl is de ondergang van J-Pop nabij. Hij doelt daarmee op idolbands zoals AKB48NMB48 en soortgelijke groepen.

Japanners zijn dol op rages. In Japan is het vooral cool als je met de massa mee gaat. Alleen in Japanse winkels vind je artikelen die het predikaat ‘populairste product in de winkel’ krijgen. Dat is dan ook direct een self-fulfilling profecy, iedereen wil het hebben vanwege het predikaat en het is dus al snel het populairste product in de winkel.

Rages zijn meestal echter net zo snel weer over als dat ze begonnen zijn. Om er maar eens een uit de ‘oude’ doos te halen:

Pecori Night van komiek en zanger Gorie was extreem populair eind 2005. Toen ik eind 2006 weer in Japan was en het deuntje neuriede werd ik uitgelachen, want die rage was toch echt voorbij.

Idolbands zijn maar een klein gedeelte van de Japanse muziekindustrie, en absoluut een rage. Maar dat wil niet zeggen dat ook het einde van J-Pop in zicht is. Er zijn genoeg leuke deuntjes te vinden die over vijf of tien jaar ook nog leuk zijn om naar te luisteren, en er zijn heel veel bands en bandjes die niet op een rage mikken. Laat ik er een random uit mijn muziek collectie trekken.

Dit is ook J-Pop, maar niet te vergelijken met Pecori Night hierboven. Dit nummer heet Arigatou en wordt gezongen door J-Pop/J-Rock band Ikimono-gakari, die veel vrolijke deuntjes zingen.

Golden Week: Dag van de Grondwet

Golden Week is een periode van vier vrijwel aaneengeschakelde nationale feestdagen in Japan. Veel Japanners hebben vrij vanaf 29 april tot en met 5 mei. Het is dan ook de langste vakantieperiode voor velen. Er wordt dus veel gereisd en genoten van de lente. In een serie van vier korte posts lees je alles over de vier feestdagen waaruit Golden Week bestaat.

Dag van de Grondwet

Na Showa Dag komt op 3 mei de Dag van de Grondwet. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog capituleerde Japan. De Amerikanen wonnen daarmee officieel de oorlog. Hun viel de zware taak om de democratie in Japan vanaf de grond opnieuw op te bouwen. De moeilijkheid was natuurlijk dat de Japanners na HiroshimaNagasaki en vijf jaar propaganda helemaal niet zaten te wachten op Amerikaanse invloed. Amerika kon twee kanten op: of de keizer de doodstraf geven voor oorlogsmisdaden, of de keizer vrijwel alle macht afnemen.

De Amerikaanse generaal Douglas MacArthur, de hoogste militaire baas van de Amerikaanse strijdkrachten in Japan, realiseerde zich dat als hij keizer Hirohito ter dood zou veroordelen hij het Japanse volk tegen zich zou keren waardoor het land onbestuurbaar zou kunnen worden. Als hij de keizer in leven en in functie zou laten als ceremonieel staatshoofd kon hij de goodwill van het Japanse volk winnen. Zijn plan van succesvol.

Om de nieuwe, minder machtige positie van de keizer vast te leggen moest er een nieuwe grondwet komen. Generaal MacArthur schreef deze grondwet en putte inspiratie uit verschillende grondwetten, waaronder die van Duitsland en Nederland. Naast de positie van de keizer werd ook vast gelegd dat Japan geen leger meer zou mogen hebben. Japan heeft tot op de dag van vandaag dan ook alleen zelfverdedigingstroepen.

Hoewel Japan de vrijheid heeft om de grondwet te wijzigen, zijn er tot nog toe geen aanpassingen gedaan aan de wet van MacArthur. Daarmee is de Japanse grondwet een van de langst ongewijzigde grondwetten ter wereld.

Op 3 mei, de Dag van de Grondwet wordt stilgestaan bij de geschiedenis die leidde tot de totstandkoming van de grondwet in 1947 en de positieve gevolgen die de grondwet sindsdien gehad heeft voor de democratie en de economie.

Golden Week: Showa Dag

Golden Week is een periode van vier vrijwel aaneengeschakelde nationale feestdagen in Japan. Veel Japanners hebben vrij vanaf 29 april tot en met 5 mei. Het is dan ook de langste vakantieperiode voor velen. Er wordt dus veel gereisd en genoten van de lente. In een serie van vier korte posts lees je alles over de vier feestdagen waaruit Golden Week bestaat.

Showa Dag

Op 29 april begint Golden Week met Showa Dag. Tot 1989 werd op deze dag de verjaardag van de keizer gevierd. Keizer Hirohito regeerde over Japan van 1926 tot 1989. De periode waarin een keizer regeert krijgt in Japan een naam. De periode waarin Hirohito regeerde heet de Showa-periode.

Op 7 januari 1989 overleed Hirohito. Zijn zoon Akihito, de huidige keizer van Japan is jarig op 23 december. 29 april was dus niet langer de verjaardag van de keizer. Hirohito was een liefhebber van planten. 29 april werd omgedoopt tot Dag van het Natuurgroen om Hirohito op indirecte wijze te kunnen herdenken.

Na herhaalde pogingen werd uiteindelijk in 2007 de naam nogmaals veranderd via een wetswijziging. Om toch vooral niet te vergeten dat de Showa periode behoorlijk wat turbulentie kende – de Tweede Wereldoorlog, de wederopbouw daarna, de enorme economische groei en ten slotte het klappen van de economische bubbel in de jaren ’80 – werd 29 april omgedoopt tot Showa Dag.

2 gratis podcast om Japans mee te leren

Als lezer van Ervaar Japan heb je waarschijnlijk interesse in [open deur] Japan. Misschien is die interesse gekoppeld aan een interesse in gaming, cosplay, de mysterieuze eet-cultuur of zelfs openbare badhuizen. En hoewel liefde meestal door de maag gaat (lekker Japans eten kan ook in Nederland), gaat een interesse in Japan vaak samen met een interesse in de taal.

De Japanse taal wordt vaak gezien als een van de moeilijkste talen ter wereld. Dit heeft voornamelijk te maken met het alfabet. Of beter gezegd, de alfabetten. Het Japans kent maar liefst drie verschillende tekensets: hiragana, katajames en kanji.

De hiragana en katakana tekensets bestaan allebei uit 48 fonetische karakters. Beide tekensets bestaan uit dezelfde letters, maar op een andere manier geschreven. In de moderne taal wordt katajames gebruikt voor leenwoorden en hiragana voor van oorsprong Japanse woorden (of leenwoorden die zo diep in de taal geworteld zijn dat men vergeten is dat het ooit leenwoorden waren).

Dan is er nog een set van zo’n 6.000 Chinese tekens, waarvan er ongeveer 3.500 in het dagelijks leven worden gebruikt. Dit tekenset heet kanji.

Om dat dus even samen te vatten: de Japanse taal zou zomaar eens de moeilijkste taal ter wereld kunnen zijn. In schrift. De gesproken taal is daarentegen eigenlijk relatief eenvoudig. Zoals gezegd zijn er 48 fonetische tekens, dat betekend dus dat de gesproken taal uit in totaal 48 klanken bestaat. Vergelijk dat met ongeveer 40 klanken in het Nederlands.

Als je graag Japans wilt leren spreken is het gelukkig niet noodzakelijk dat je het ook leert lezen, en om het dan maar niet te hebben over schrijven. Dat betekend wel dat je geen beroep kunt doen op je ogen om je te helpen ket je studie. Gelukkig zitten er aan de zijkant van je hoofd nog een paar sensoren die je goed kunnen helpen bij het leren spreken van een taal. En er zijn een aantal goede bronnen om je oren daarbij te helpen in de vorm van podcasts. Hier dan dus een lijstje van vijf podcasts die ik je wil aanbevelen als je begint met het leren van Japans.

JapanesePod101.com

JapanesePod101.com

Duur: 8 – 22 minuten
Soort: audio
Frequentie: wekelijks

Een professioneel samengestelde podcast. De podcasts zijn gratis te beluisteren en via JapanesePod101.com is ander les materiaal te koop.

Tokyo Podcast

Tokyo Podcast

Duur: 20-50 minuten
Soort: audio
Frequentie: onregelmatig

Anthony Joh heeft een serie van 50 podcasts opgenomen. Elke podcast heeft een eigen thema en zowel de cultuur als de relevante woorden komen uitgebreid aan bod.

De Japanse games-industrie ligt níet op zijn gat

De Japanse popcultuur kennen we van onder andere de muziek en games. Wie zich een beetje bezighoudt met videogames, weet het inmiddels wel: de Japanse games-industrie zou zoekende zijn, Japanse developers zouden proberen krampachtig aan te klampen bij het westen en daardoor gedrocht na gedrocht produceren. Alhoewel dat voor sommige (grote) series zeker geldt, zijn er toch ook nog genoeg krenten uit de pap te vissen. Niet zelden zijn dat games van ontwikkelaars die niet voelen voor de ruk naar het westen, maar hun eigen, beproefde en met name Japanse koers blijven varen. In deze blog een korte beschouwing van het Japanse gameslandschap, en – geheel in de stijl van Ervaar Japan – dé plek waar je voor goede Japanse games moet zijn.

Decennialang konden westerse ontwikkelaars niet tippen aan Japanse spellen, maar sinds in de loop van de jaren ’00 graphics realistischer en games filmischer werden, zijn de rollen omgedraaid. Ik zal me niet wagen aan het hoe en waarom – daarover zijn boeken volgeschreven – maar zeker is dat veel Japanse games anders zijn dan vroeger. In de drang niet achterop te raken bij de westerse industrie wat betreft grafische kwaliteit, zijn sommige studio’s gameplay volledig uit het oog verloren. Eén treffend voorbeeld is de Final Fantasy-serie, die qua grafische pracht nauwelijks een gelijke kent, maar voor liefhebbers van het eerste uur in niets meer aan de vroegere glorie doet denken.

Sommige studio’s zien een oplossing in het uitbesteden van populaire series aan westerse ontwikkelaars. Onbegrijpelijk, want de ene westerse ontwikkelaars is natuurlijk de andere niet. Neem Castlevania: uitgever Konami koos ervoor de onder liefhebbers immens populaire serie uit te besteden aan een onbekende Spaanse ontwikkelaar, die de serie vervolgens binnen twee delen naar zijn grootje heeft geholpen.

Gelukkig zijn er ook nog genoeg spellenmakers die onder de oppervlakte blijven doen waar ze goed in zijn.  Liefhebbers raken niet uitgepraat over de aanhoudende kwaliteit van series als Fire Emblem, Shin Megami Tensei, en Etrian Odyssey. Deze series vernieuwen, maar drijven nimmer te ver af van de oorspronkelijke formule die ze populair maakte. Een gebrek aan marketingbudget zorgt ervoor dat het game-journaille er weinig aandacht aan besteedt, maar zeker is dat het veel te ver gaat om de Japanse industrie failliet te verklaren.

Wie hongert naar vroeger tijden, toen het begon en eindigde bij Japanse games, doet er goed aan een kijkje te nemen in de Akihabara, in de Japanse hoofdstad Tokyo. Deze wijknaam zal menig gamer bekend in de oren klinken, want het is waarlijk het walhalla voor wie van videospellen houdt: in Akihabara is het straat na straat alleen maar games, stripboeken films en tekenfilms. Maar hoewel elke winkel er goed gesorteerd is, kan niemand tippen aan de Super Potato.

Het is, net als de hierboven beschreven pareltjes, een winkel die het puur van mond-op-mond reclame moet hebben: niets verraadt verder dat in het grauwe appartencomplex aan de rand van Akihabara de beste gamewinkel ter wereld is gevestigd. Want games die overal ter wereld als zeldzaam worden beschouwd, liggen hier meters hoog opgestapeld. Consoles die al decennia niet meer worden geproduceerd, liggen er ongebruikt en in het plastic te wachten op hun eerste eigenaar. Het is werkelijk om stil van te worden. Verplicht bezoeken als je in Tokyo bent!

Recensie: De kleurloze Tsukuru Tazaki en zijn pelgrimsjaren

Ik zou mezelf niet omschrijven als een fan van Haruki Murakami. Ik heb jaren geleden Norwegian Wood gelezen, maar waar het over gaat zou ik niet meer kunnen vertellen. Het gevoel dat ik had toen ik het boek las kan ik me echter nog heel goed herinneren. Toen ik dus De kleurloze Tsukuru Tazaki en zijn pelgrimsjaren ter recensie aangeboden kreeg had ik geen hoge verwachtingen van het verhaal zelf maar wel een voorgevoel dat het een indruk achter zou laten.

Tsukuru Tazaki heeft een enorm dieptepunt in zijn leven bereikt en balanceert vijf maanden op het randje van de dood. Het is geen worsteling maar een passieve staat. Zestien jaar later wordt hij aangespoord om uit te zoeken wat er toen precies vooraf gegaan is aan die vijf maanden.

Het boek begint met dit dieptepunt, maar het verhaal zelf heeft niet echt hoogte- of dieptepunten. Het kabbelt voort als een riviertje, met alleen hier en daar een stroomversnelling. Dit is ook het soort vergelijkingen dat Murakami veelvuldig gebruikt om gedachten en gevoelens vorm te geven.

De voorbije tijd werd een lange, scherpe priem die zijn hard doorboorde. Zilverkleurige pijn sloop geluidloos naderbij en veranderde zijn ruggengraat in een ijskolom.

pagina 302

Een groot gedeelte van het verhaal gaat over gedachten en emoties. In tegenstelling tot fysieke gebeurtenissen zijn gedachten en emoties niet gebonden aan de logica van chronologie. Murakami weet daar heel goed een vinger op te leggen zonder dat het verhaal verwarrend wordt. Het resultaat is wel dat niet alle verhaallijnen worden afgesloten. Het is een soort oude veter die over de hele lengte enigszins ontrafelt is: er steken op willekeurige plekken losse eindjes uit. Maar voor de duidelijkheid, dat is juist het charmerende van het verhaal. Dit zelfde verhaal had verteld kunnen worden zonder losse eindjes en in chronologische volgorde, maar dan was het waarschijnlijk een oersaaie beschrijving geweest van iemand met een redelijk normaal leven.

De gevoelens en emoties van Tsukuru Tazaki zijn niet uniek en er zal dus ook voor iedereen bepaalde punten van herkenning zitten in het verhaal. Het beschrijft een redelijk normaal leven van iemand die met een emotioneel litteken worstelt, en we hebben natuurlijk allemaal wel iets meegemaakt in ons leven waar we een vorm van littekenweefsel aan hebben overgehouden.

Het verhaal is absoluut niet spannend en de daadwerkelijke gebeurtenissen zijn vrij kort samen te vatten (ga ik niet doen, want je moet gewoon het boek zelf lezen). Van te voren zou ik dit boek niet zelf gekocht hebben. Achteraf gezien wel. Het was een meesleurend boek wat je niet makkelijk laat liggen als je eenmaal begonnen bent. Zeker met een beetje kennis van Japan en de manier van leven daar krijg je heel erg het gevoel alsof je door een luikje mee zit te kijken in iemands leven.

Kijkend naar de samenvatting zou je al snel kunnen denken dat het je een saai verhaal te pakken hebt. Maar het is een beetje als het schilderij Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue van Barnett Newman. Op het eerste gezicht is dat een saai schilderij, maar als je er goed naar kijkt zie je dat de schilder het hele doek heeft vol gestipt en dat elke stip anders is. Ik vind dat dit boek op een soortgelijke manier boeit.

Al met al is De kleurloze Tsukuru Tazaki en zijn pelgrimsjaren een boek geweest waar ik van genoten heb. Waar Murakami vroeger nog echt een cultheld was is hij zeker met dit boek in staat een veel grotere groep lezers te raken.

Engrish, vreemd Engels in Japan

Japan heeft een wat aparte relatie met de Engelse taal en de Engels-sprekende wereld. Daarbij bedoel ik met name de Verenigde Staten.

Als je een beetje opgelet hebt bij geschiedenisles dan weet je dat Japan in de Tweede Wereldoorlog verslagen is door de Verenigde Staten. Wat je wellicht niet weet is dat daarna de Amerikaanse generaal Douglas MacArthur een grondwet opgesteld heeft voor Japan. In plaats van Japan, de keizer en het volk te straffen voor hun rol in de oorlog nam MacArthur de beslissing om het land met respect te behandelen. Het resultaat was een grondwet die weliswaar de militaire macht van Japan sterk aan banden legde, maar die tegelijkertijd door het Japanse volk als fair werd gezien.

Vanaf dat moment zijn Japan en de Verenigde Staten onlosmakelijk met elkaar verbonden. Helaas lijkt er toch enige hiërarchie in de relatie geslopen te zijn. Japanners kijken op naar Amerika, en gaan er dan ook direct vanuit dat er vanuit Amerika neergekeken wordt op Japan. Of dit zo is vind ik zelf moeilijk te zeggen. Ik ben nooit in de VS geweest en ik heb zo lang in Japan gewoond dat ik zelf zeker niet neerkijk op het land.

Maar goed, waar ik eigenlijk naar toe wil is de positie van de Engelse taal in de Japanse samenleving. Engels is de taal van Amerika en is dus cool. Door de gigantische fonetische verschillen tussen het Japans en het Engels is het voor Japanners veel moeilijker om Engels te leren dan voor bijvoorbeeld Nederlanders. Dat wil niet zeggen dat niemand het probeert. Stap op een willekeurig station uit de trein en net buiten het station vind je een Engelse school. De meeste buitenlanders die in Japan werken doen dat als leraar Engels.

Bedrijven zien Engels vaak als de perfecte taal voor een korte slogan. Grote bedrijven die zich Engels-sprekende consulenten kunnen veroorloven hebben daar niet zo’n problemen mee. Maar ook de MKB wil graag mee in deze trend, zonder veel kennis van de Engelse taal. Het resultaat is dat veel lokale bedrijven een groot bord boven hun deur hangen met een slogan die kant nog wal raakt of vol zit met fouten. De Engels-sprekende gemeenschap in Japan noemt dit gekscherend Engrish.

Een van de populairste Engelse blogs in Japan is Engrish.com, dat zich alleen maar bezig houdt met het verzamelen van voorbeelden van raar Engels. Zie hier onder een paar voorbeelden van Engrish.com.